Twee jaar geleden verscheen het zogenaamde stikstofrapport van de commissie-Remkes. De titel was veelzeggend: "Niet alles kan". Je kunt wel van alles willen – wegen en vliegvelden aanleggen, huizen bouwen, intensieve landbouw bedrijven – maar uiteindelijk begint de natuur te protesteren. Anders gezegd: aan groei binnen een eindige omgeving zijn grenzen. Dat mag een waarheid als een koe zijn, toch worden we steeds weer verrast door wat er wél kan. En dat heeft alles te maken met de technische mogelijkheden.

Malthus' voorspelling
Laten we ruim twee eeuwen teruggaan en wel naar het Engeland aan het begin van negentiende eeuw. We ontmoeten daar de wat sombere dominee Thomas Robert Malthus. Er waren destijds nogal optimistische toekomstvisies in de mode. Malthus zag er niet veel in en stelde daar zijn eigen pessimistische opvatting tegenover. Die draaide om twee zaken: bevolkingsgroei en voedselproductie.

Uit het destijds schaarse cijfermateriaal maakte Malthus op dat de bevolking de neiging had exponentieel te groeien. Dus volgens de reeks 1 - 2 - 4 - 8 - 16 - 32 enz. Nu zou het fijn zijn als de voedselproductie de bevolkingsgroei kon bijhouden. Dat was volgens Malthus echter niet het geval. Boeren nemen altijd eerst de vruchtbaarste gronden in gebruik. Neemt de vraag naar landbouwproducten toe, dan moeten meer gronden in gebruik worden genomen, maar die zijn steeds minder vruchtbaar. Gevolg is dat de voedselproductie wel toeneemt, maar via de reeks 1 - 2 - 3 - 4 - enz. En uiteindelijk zou de voedselproductie tegen haar plafond botsen.

Geboortebeperking
Dat moest uiteraard een keer mislopen en Malthus voorspelde dan ook periodieke hongersnoden, die bevolkingsomvang en voedselproductie weer met elkaar in evenwicht brachten. Een oplossing lag zijn inziens in de beperking van het geboortecijfer door moral restraint, morele beperking. Dus: krijg minder kinderen door bijvoorbeeld op latere leeftijd te trouwen. Tegen deze achtergrond is de uitspraak van een kennis over Malthus te begrijpen: “Hij is een aardige kerel en beleefd tegen de dames, zolang er maar geen tekenen van naderende vruchtbaarheid zijn waar te nemen”.

De techniek als reddende engel
Er leek destijds weinig in te brengen tegen de opvatting van Malthus. En toch. Er leefden ten tijde van Malthus ongeveer 1 miljard mensen op aarde. De omvang van de huidige wereldbevolking is rond de 8 miljard personen. Wat zag Malthus over het hoofd? Het antwoord is simpel: de techniek. De agrarische techniek is spectaculair verbeterd. Veredeling van gewassen, betere bemesting, de ontwikkeling van landbouwmachines, om enkele zaken te noemen, hebben Malthus' voorspelling uiteindelijk achterhaald.

Club van Rome
Malthus kreeg veel later een waardige opvolger in de zogenaamde Club van Rome. Een groep wetenschappers publiceerde in 1972 het rapport "Grenzen aan de groei'. Het rapport keek naar de wisselwerking van vijf factoren: naast de door Malthus al genoemde bevolkingsgroei en voedselproductie keek men naar de industrialisatie, uitputting van grondstoffenbronnen en milieuvervuiling. Met behulp van een wiskundig model en een indrukwekkende hoeveelheid data kwam men tot de conclusie dat de wereldeconomie rond 2050 in elkaar zou storten, met een bijna halvering van de wereldbevolking als gevolg.

Sindsdien is het thema 'grenzen aan de groei' niet meer weggeweest. Maar het karakter ervan veranderde wel. Vier van de vijf door de Club van Rome bestudeerde factoren lijken minder problematisch te zijn geworden. Bij de vijfde, milieuvervuiling, ligt de nadruk nu vooral op CO2-uitstoot, die tot een zodanige klimaatverandering leidt dat delen van de planeet voor mensen onbewoonbaar gaan worden, hetzij door droogte en hitte, hetzij door zeespiegelstijging.

Relativering?
Dit soort beschouwingen – van Malthus via de Club van Rome naar de huidige klimaatdiscussie – houdt een gevaar in. Het gevaar namelijk van relativering. "Het zal wel wat meevallen." Of "Zie je wel, het komt allemaal vanzelf goed." Een dergelijke relativering miskent een belangrijk feit, namelijk dat de klimaatverandering waarneembaar al is ingezet. Op grond van een algemene dwarsheid (ik laat me niet vaccineren, Poetin is een geweldige vent) kun je dat natuurlijk ontkennen, maar erg geloofwaardig is het niet.

Tot slot
De in 1962 overleden historicus Jan Romein kwam tot de conclusie dat er slechts twee algemene tendensen in de wereldgeschiedenis zijn te bespeuren, namelijk technische ontwikkeling en een toenemende bewustwording. Dat zijn precies de twee zaken die we in de huidige situatie nodig hebben. We moeten ons bewust zijn van het feit dat een alsmaar doorgaande economische groei schadelijke neveneffecten met zich mee kan brengen. Tegelijkertijd kunnen we hoop putten uit de rol die de techniek in het verleden heeft gespeeld.